Voor dit blog sta ik stil bij het thema moreel leiderschap.
Moreel leiderschap kondigt zich niet aan.
Het komt niet met een handleiding of een stappenplan.
Je merkt het pas als het schuurt.
Het verschijnt op momenten waarop je twijfelt.
Waarop je voelt: dit klopt formeel wel… maar niet helemaal.
Een knoop in je maag.
Een aarzeling voordat je beslist.
Een stem die zegt: is dit nu echt wat juist is?
Dát is moraliteit aan het werk.
Zelf heb ik die momenten echt wel gekend.
Bijvoorbeeld de vraag: moeten we hier ingrijpen als het gaat om het welzijn van een kind, ook als procedures en regels zeggen dat het (nog) niet mag?
En laten we eerlijk zijn: die regels en procedures zijn er om mensen te beschermen. Gelijke rechten. Gelijke kansen. Geen willekeur mogelijk maken. Maar soms voelt dat beklemmend. Niet juist. Dan vraag je je af of ze in dit specifieke geval wel helpend zijn.
Herken je zo’n moment in jouw praktijk?
Wanneer regels te krap worden
Als leidinggevende kom je vaker tegen dan je lief is.
De regel is helder.
Het beleid is gevolgd.
Alles is uitlegbaar.
En toch blijft de vraag hangen:
voor wie is dit eigenlijk goed?
Moreel leiderschap raakt precies daar.
Waar je het niet meer kunt afschuiven op procedures.
Waar je merkt dat jouw positie ertoe doet.
Niet omdat jij de regel hebt gemaakt maar omdat jij hem toepast.
Ik herinner me nog goed een uitspraak van een directeur van een groot ziekenhuis hier in de buurt. Tijdens een gastcollege bij Tias zei hij:
“Soms moet ik besluiten nemen buiten de protocollen om.
Mijn regel is dan: als ik het vanavond op het achtuurjournaal kan uitleggen, dan is het een goed besluit.”
Dat innerlijke kompas heeft mij zelf ook vaak geholpen bij beslissingen die schuurden. Hoe
Dit ís leiderschap
In de literatuur over moreel of ethisch leiderschap wordt dit scherp benoemd:
moreel leiderschap gaat niet over regels naleven maar over het maken van afwegingen wanneer regels tekortschieten.
Het vraagt dat je belangen weegt.
Dat je oog hebt voor de impact op mensen.
En dat je verantwoordelijkheid neemt voor keuzes die niet eenduidig zijn.
Dat is spannend.
Want dan sta je zelf in het licht.
Dus ja, kun jij het vanavond uitleggen op het achtuurjournaal?
Die vraag bracht mij bij een volgende vraag:
hoe verhoudt dit zich tot leiderschap volgens de bedoeling?
Leiderschap volgens de bedoeling stelt de vraag:
waarvoor doen we dit eigenlijk?
Moreel leiderschap gaat een stap verder.
Het vraagt:
durf ík naar die bedoeling te handelen,
ook als dat schuurt met systemen, routines of verwachtingen?
De bedoeling is richtinggevend.
Moreel leiderschap is het moment waarop je beslist
of je die richting ook werkelijk volgt.
Hier raakt het voor mij aan waar ik voor sta.
Authentiek Leiderschap
Authentiek leiderschap vraagt dat je jezelf kent.
Je waarden.
Je overtuigingen.
Je morele grenzen.
Moreel leiderschap vraagt dat je daar ook naar handelt
op het moment dat het spannend wordt.
Zonder innerlijk kompas wordt moreel leiderschap willekeurig.
Zonder morele moed blijft authenticiteit een mooi verhaal.
Daarom geloof ik zo in authentiek leiderschap.
Niet als “lekker jezelf zijn”,
maar als bewust, verantwoordelijk en aanspreekbaar leiderschap.
Waar voel je dit in de praktijk?
Niet bij grote ethische debatten.
Maar in kleine, dagelijkse keuzes.
Bij die medewerker waarvoor het standaardproces niet werkt.
Bij die inwoner die tussen wal en schip valt.
Bij die situatie waarin gelijk behandelen niet hetzelfde is als recht doen.
Je voelt het als twijfel.
Als vertraging.
Als de neiging om het gesprek uit de weg te gaan.
En precies daar zit je leiderschap.
Doe je wat moreel juist is?
Of wat formeel klopt?
Dat is niet eenvoudig.
Daarom geef ik je hier een hulpmiddel.
Praktisch reflectiekader – drie vragen die helpen
Als je moreel leiderschap concreet wilt maken, stel jezelf dan deze vragen:
- Wat zegt de regel – en wat zegt mijn kompas?
Beide doen ertoe. Maar zijn ze hier nog in balans? - Wie help ik met deze beslissing vooruit – en wie niet?
Niet iedereen kan altijd geholpen worden. Maar wie zie ik wel, en wie niet? - Kan ik deze keuze uitleggen, ook als ik erop aangesproken word?
Niet verdedigen. Uitleggen. Dat is een groot verschil.
Als je deze vragen serieus neemt,
ben je niet soft bezig.
Dan ben je leiding aan het geven.
Tot slot
Moreel leiderschap is geen heldendom.
Het is ook geen uitzondering.
Het is het dagelijkse werk van leidinggeven
op het moment dat standaardoplossingen niet meer voldoen.
Het moment waarop je denkt:
“Dit mag misschien wel, maar is dit ook juist?”
En soms begint goed leiderschap gewoon met erkennen:
deze schoen past niet.
Niet om alles anders te doen.
Maar om het goede te doen.
Herken je dit soort momenten in jouw leiderschap?
Dan is de vraag niet of je het goed of fout doet,
maar of je bereid bent er echt bij stil te staan.
In mijn werk als coach help ik leidinggevenden
om dit soort morele dilemma’s niet te vermijden,
maar ze te onderzoeken — met helderheid, moed en menselijkheid.
Wil je daar eens over sparren?
Je bent welkom.



